Mijn zoektocht en herbronning


Je voelt je slecht van binnen. Iets wringt, je weet vaak niet precies wat, maar iets houdt je tegen en draait constant rond in je hoofd. Het is meestal het proberen rationaliseren van een emotionele fase. Maar plots komt de klik, een moreel besef hoe het anders kan en welke stap je zou zetten om dat emotionele evenwicht terug te vinden. Die klik die je terug naar jezelf brengt, in alle glorie en eenvoud. Die klik die je doet begrijpen wie je bent.

Op de meest emotionele fase in mijn leven, toen alles rond me stilstond en ik geen idee meer had wie ik was en waar ik voor stond, zorgde een banale gebeurtenis voor die klik, en veranderde mijn visie op mijn wereld.

Zoals vaker gingen mijn toen vierjarige dochter, mijn hond en mezelf wandelen. Deze keer langs het water, met het bos aan de andere kant. Het besneeuwde landschap nodigde uit om in alle stilte mezelf te verdiepen in mijn gedachten, terwijl de twee kleine rondliepen en gezwind hun ding deden. Terwijl bij elke stap de sneeuw kreunde onder mijn emotionele zwaarte, probeerde ik mijn gevoelens te ordenen. Ik wandelde rechtdoor, langs het water, zoals altijd. Macht der gewoonte, maar ook een traject gekozen uit veiligheid, zonder risico, zonder gevoel. Tijdens die mijmerende momenten werd ik plots uit mijn verdwaasd denkpatroon gerukt, en draaide me instinctief om.

In de sneeuw waren onze sporen gebrand als mijlpalen in ons emotionele pad. Alle drie gingen we dezelfde kant uit, en toch beleefden we die weg elk op een eigen manier. De sporen van mijn hond laveerden langs het pad, eerst naar de boskant omdat hij een konijn geroken had, daarna naar de waterkant om te drinken. Onderweg markeerde hij instinctief zijn levenswandel bij elke uitstekende steen, met een boodschap naar gelijksoortigen die later zijn pad zouden bewandelen. Hij had een missie en behoeften, en instinctief volgde hij ze.

De afdrukken van mijn dochter volgden de hond naar de boskant, waar ze vertwijfeld bleef staan. Ze durfde niet in het bos mee achter het konijn lopen, dus riep ze maar naar de hond om terug te keren. Want hij was haar beschermeling toen; zonder hem zou ze alleen staan. Terwijl ze naar het midden van de weg huppelde, viel ze plots over een steen die niet zichtbaar was door de sneeuw. Toen ze huilde, gaf ik haar een knuffel en troostte haar. Haar tranen waren nog niet opgedroogd, toen een vlinder haar aandacht zodanig trok dat haar pijn wegebde en ze de luchtdans volgde. Vederlicht dartelde mijn dochter over de sneeuw, verwonderd van die kwetsbaar uitslaande vleugels.

De patronen van mijn dochter en de hond toonden vrijheid en instinctieve onbezonnenheid, alsof ze in de wereld waren om die te ontdekken. Zonder enig doel, enkel genieten van wat er zich voor hen verscheen, gemengd met hun diepste behoeften en interesses. Ze waren emotioneel vrij. Mijn voetsporen waren een lege aaneenschakeling van verzwaarde stappen, rechtdoor, zonder enig gevoel van inspiratie.

Die wandeling heeft me getekend. Het was een openbaring, een inzicht in hoe ik in het leven kon staan. Mijn gevoel volgen, me laten afleiden door wat mijn aandacht trekt, en instinctief mijn wereld creëren. Dankje, mijn kinderen.