De domeinnaam www.lichaamengeest.be staat te koop    » alle info

Adriago

Lichaamstaal

Wat we via ons lichaam uitdrukken is directer en eerlijker dan wat we zeggen met woorden. Het brengt boodschappen over die we bij ons spreken wel eens proberen te verbergen. Voordat je ook maar een woord gezegd hebt, word je al beoordeeld op je gedrag. De manier waarop je gaat zitten, de toon waarop je spreekt en hoe je iemand benadert, bepaalt binnen korte tijd of je de sympathie van een ander wint. De eerste indruk legt de basis voor een al dan niet geslaagde, harmonieuze relatie.
 
Algemeen wordt aangenomen dat er voor 70 procent op het niveau van gesproken taal wordt gecommuniceerd, en voor 30 procent op onuitgesproken niveau. Toch is de invloed ervan omgekeerd evenredig. Het is ook altijd veel belangrijker hóe iets wordt gezegd dan wát er wordt gezegd, want ze beïnvloeden de aangesprokene meer dan de woorden. De toon waarop een verzoek wordt uitgesproken, de glimlach waarmee dat gepaard gaat of de onzeker afgewende blik. Maar ook het spreektempo, intonatie, duur van spreekpauzes, haperingen, etc. Deze zogenoemde para- linguïstische kenmerken worden geassocieerd met emoties.

Elke emotie komt vanuit ons onderbewustzijn, waarbij vooral ons gezicht boekdelen spreekt. Deze automatische signalen of micro-expressies, die bijna niet beïnvloedbaar zijn, kunnen waardevol zijn om te ontdekken of iemand echt de waarheid spreekt of uit beleefdheid wat zegt wat hij eigenlijk niet meent, of gewoon liegt. Hieronder een overzicht van de zeven micro-expressies.

Micro-expressies

» Expressies


Elke emotie toont één van de zeven micro-expressies, hiernaast beschreven.

Verdriet  

Verdriet


zakkende bovenste oogleden
blik zonder focus
liphoeken lichtjes gezakt

Angst  

Angst


opgetrokken wenkbrauwen en bovenste oogleden, gespannen onderste oogleden en lippen

Woede  

Woede


samengetrokken wenkbrauwen
fonkelende ogen
verkleinde lippen

Verrassing  

Verrassing


opgetrokken wenkbrauwen
verwijde ogen, open mond

Walging  

Walging


rimpelende neus
optrekkende bovenste lip

Minachting  

Minachting


gespannen opgetrokken liphoek aan één kant

Geluk  

Geluk


oogrimpels
opgetrokken kaken

Lichaamstaal is non-verbaal communiceren. Deze term verwijst naar alles wat wij met ons lichaam doen, uitgezonderd spreken. Onze kijkrichting, onze oogbeweging, onze gezichtsuitdrukkingen, benen gekruist naar iemand toe, of van iemand af, hand- en armbewegingen, voet- en beenbewegingen, het al dan niet aanraken van de partner, het gespannen kijken, krabben, kleren rechtstrijken of de haren gladstrijken. Hieronder vind je een overzicht van enkele gedragingen.

  • Handen
     

    Hand- en armbewegingen


    Wanneer mensen met elkaar praten, gebruiken ze heel vaak hun handen en armen om aanvullende informatie te geven. Deze lichaamsdelen ondersteunen heel duidelijk onze woorden.
     
    Ontspannen, open gespreide handen, met de handpalmen naar boven gekeerd, associëren wij met positief zijn, met vertrouwen, openheid, eerlijkheid en oprechtheid. Open handpalmen geven aan dat men niets te verbergen heeft.
     
    Verborgen handpalmen wekken het gevoel dat iemand iets verbergt, dat hij niet helemaal eerlijk is. Als hij beide handen met de rug naar boven gekeerd op tafel legt en hij verbaal beweert dat hij ons zijn beste voorstel heeft gedaan, krijgen wij automatisch gevoelens van wantrouwen. Wanneer kinderen iets te verbergen hebben of wanneer ze liegen, houden ze altijd hun handpalmen verborgen, vaak achter hun rug.
     
    Dominante handbewegingen met de palm naar beneden maken meestal een beweging van boven naar beneden. Ze oefenen een zekere druk uit. Ook schouderkloppen is vaak een dominante handbeweging, ook al is het als compliment bedoeld.
     
    Iemand die zijn handen krachtig in elkaar klemt, geeft daarmee duidelijk aan dat hij in spanning verkeert, wat hij ook zegt.
     
    Wanneer de spreker met gespreide vingers zijn vingertoppen tegen elkaar tikt, als een soort dak, verduidelijkt hij zijn zelfverzekerdheid, met een vleugje zelfingenomenheid en trots.
     
    Achter zijn oren krabben geeft aan dat hij nog in onzekerheid verkeert.
     
    Het aanraken van de neus wijst op twijfel, waarmee vaak een afwijzing wordt uitgedrukt. Wrijven net onder de neus verbergt een plaatselijk verhoogde bloedconcentratie die jeuk veroorzaakt, wat erop duidt dat je aan het liegen bent.
     
    Handen in de nek willen een zekere dominantie demonsteren. Ook vaak een afwijzend gebaar, zeker als het door de gelaatsuitdrukking wordt ondersteund.
     
    We kruisen onze armen als bescherming wanneer we ons aangevallen voelen of het met de spreker oneens zijn. Hoe hoger gekruist, des te groter de bescherming.

  •  

    Lichaamshouding


    Een symmetrische houding is een houding waarbij de armen en benen, links en rechts in gelijke positie worden gehouden. Iemand die een symmetrische houding aanneemt, toont daarmee respect of onderdanigheid aan. Wanneer we ons in iemands bijzijn meer ontspannen voelen, zullen we een asymmetrische houding aannemen. We kunnen dan bijvoorbeeld een beetje onderuit hangen, een been optrekken of de benen over elkaar leggen.
     
    Iemand die zich niet zeker voelt in het bijzijn van de ander neemt een gesloten houding aan. Dan kruist hij zijn armen of benen of houdt hij een voorwerp, bijvoorbeeld een tas, voor zich. Daarmee schermt hij zich af voor een te intieme benadering. In het begin van een gesprek nemen we vaak een gesloten houding aan.
     
    Hoe meer belangstelling we hebben in de ander en in wat hij te vertellen heeft, hoe meer we ons naar hem toekeren. Dit toekeren doen we niet alleen door ons hoofd en lichaam naar de ander toe te draaien. Vooral de armen en benen hebben hierbij een belangrijke rol. Als twee mensen elkaar vinden in een gesprek, keren ze meestal hun benen naar elkaar toe. Daarmee draaien we ook ons lichaam en onze buitenste arm naar de ander en zo tonen we interesse.
     
    Als een derde persoon zich wil mengen in het gesprek, kunnen we hem daarvoor de ruimte geven. De mensen die al met elkaar spreken, keren zich dan lichtelijk naar de ander toe. Hierdoor wordt hij betrokken. Als de anderen hem niet in het geprek willen betrekken, blijven ze naar elkaar toegekeerd. Door je houding maar een klein beetje te wijzingen kun je je meer of minder naar iemand toedraaien. Zo laat je op subtiele wijze blijken of je hem wel of niet wilt betrekken bij een gesprek.

  • Slaaphouding
     

    Slaaphouding


    Bij de foetshouding ligt de slaper met zijn knieën opgetrokken. Zijn lichaam is helemaal ineengerold tot een bal. Op deze manier liggen foetussen in de baarmoeder om gezicht en ingewanden te beschermen. Het kussen geeft hem nog extra bescherming. In het leven van overdag vertoont hij mogelijk ook een sterke hang naar bescherming en behoefte aan een centrale kern waarom hij zijn leven kan organiseren.
     
    Semi-foetaal, op de zij met de knieën gedeeltelijk opgetrokken, biedt warmte en bescherming en staat tegelijk grote beweeglijkheid toe. Het is dus een zeer praktische houding wanneer het gaat om lichamelijk comfort en beweeglijkheid. De personen die deze houding kiezen, tonen eenzelfde mate van praktische aanpassing aan de wereld. Zulke mensen zijn gewoonlijk vrij evenwichtig en zeker. Ze kunnen zich zonder al te veel moeite aanpassen aan de feitelijkheden van hun bestaan.
     
    Rugslapers voelen zich zeker, zijn vol zelfvertrouwen en bezitten een sterke persoonlijkheid. Ze zijn in staat de wereld en wat zij te bieden heeft te accepteren. Ze stellen zich dag en nacht open voor alles en voelen zich goed bij zowel geven als nemen.
     
    Door breeduit op hun buik te liggen met hun armen uitgestrekt langs hun hoofd, tonen vooroverliggende slapers de behoefte om in contact te blijven met -en te heersen over- een zo groot mogelijk deel van hun onmiddelijke omgeving. De buikligger doet een poging om de ruimte in bed te beheersen en vertoont een soortgelijke drang om de gebeurtenissen in zijn leven overdag de baas te zijn.

  • Voeten
     

    Voet- en beensignalen


    Hoe lager de lichaamsdelen zich bevinden, hoe moeilijker ze onder controle te houden zijn. De oorzaak hiervan ligt waarschijnlijk in het feit dat iedereen zijn aandacht vooral op het gelaat richt. Aan de lager gelegen lichaamsdelen wordt zelden aandacht besteed. Voeten en benen geven daardoor een heel waardevol beeld over emoties.
     
    Aan de manier van het lopen herkennen wij al bepaalde mensentypen. Een rustig, zelfverzekerd persoon maakt vaak korte en lichtvoetige passen. Personen die in kleine details denken, lopen vaak ook met korte pasjes. Mensen die energiek met grote passen en met laaiend enthousiasme lopen en daarbij forse armbewegingen maken, kunnen eerder uit balans raken.
     
    Wanneer je je benen van de spreker weg kruist, heeft dit wel degelijk een betekenis. Je zegt daarmee onbewust dat je weg wilt van het besproken thema, dat je het er niet mee eens bent. Doorgaan met het gesprek heeft dan weinig zin.

  •  

    Houding van de romp


    Wanneer iemand geïrriteerd raakt, kan hij niet slap in zijn stoel onderuit hangen. Bij woede stroomt het bloed naar de handen, waardoor gemakkelijker uitgehaald kan worden naar de tegenstander. Hierbij past geen onderuitgezakte romp. Bij vrees stolt het bloed als het ware in de aderen en staat de romp een moment stokstijf. Iemand die zich verveelt kan onmogelijk een romphouding aannemen waaruit zou blijken dat hij zeer attent is.
     
    De houding van de romp is een bruikbare aanwijzing voor de ware emoties, omdat de romp de spierspanning van het hele lichaam weerspiegelt.
     
    Meestal worden rompgebaren gedwongen samen geproduceerd met gebaren van andere lichaamsdelen. Het ophalen van de schouders is zo'n samengesteld gebaar. Men trekt de schouders op, maar meestal trekt men dan ook zijn gezicht in een bepaalde plooi, terwijl het hoofd scheef wordt gehouden en de handen naar boven worden gedraaid.

  • Spiegelen
     

    Spiegelen


    Wanneer het gesprek tussen jezelf en je partner goed verloopt, valt op dat je beiden onbewust voegt naar de gebaren en de mimiek van de ander. Als je de handbeweging van je partner, zijn lichaamshouding, zijn stand en ook zijn toonhoogte overneemt, dan betekent dit dat je je goed op hem kunt instellen. Je toont invoelingsvermogen en straalt sympathie uit.
     
    Als wij onze communicatie met iemand willen verbeteren, is het zinvol ervoor te zorgen dat we met elkaar op dezelfde golflengte komen te zitten. Dit kan je doen door zijn lichaamshouding, zijn intonatie, zijn spreeksnelheid met die van de partner te laten overeenkomen. Op die manier koppel je je gedrag en houding aan die van de gesprekspartner, waardoor er automatisch wederzijdse betrokkenheid en vertrouwen ontstaat.
     
    Als iemand in een bepaalde houding zit en hij moet ergens van worden overtuigd, is het zinvol zijn houding aan te nemen om tot een zo open mogelijk contact te komen. Wanneer de ander langzaam spreekt, is het natuurlijk dom om zelf een veel sneller spreektempo te hanteren. Je moet proberen om dit spreekritme over te nemen.

  •  

    Stand van het hoofd


    De normale positie van het hoofd is rechtop. Als je je hoofd rechtop houdt, toon je een eerlijke en zelfverzekerde houding naar de ander. Als je tijdens een ontmoeting je hoofd naar achteren kantelt, waardoor je kin naar voren priemt, komt dit hautain en minachtend over. Je kijkt vanuit deze positie letterlijk op de ander neer. Voorover kantelen van het hoofd daarentegen kan duiden op onderdanigheid of depressie, tenminste als je blik daarbij ook omlaag gericht is.
     
    Als je een meningsverschil met iemand hebt, kan het zijn dat je je hoofd vanuit je schouders naar voren drukt, terwijl je de ander daarbij strak aankijkt. Deze houding komt intimiderend en agressief over.
     
    Je hoofd schuin houden, duidt op belangstelling. Zijwaarts kantelen van het hoofd is iets dat we van nature doen wanneer we door iets geboeid zijn. Je toont je zo een goede luisteraar, maar opeens zegt de ander iets waar jij je vraagtekens bij hebt. Je kantelt je hoofd nu naar de andere kant en kijkt daarbij met een lichte frons. Door de positie van je hoofd te wijzigen verander je opeens van een luisterende naar een vragende houding.
     
    Een andere belangrijke aanwijzing voor je aandacht is de richting waarheen je hoofd gedraaid is. Als je naar iemand luistert, keer je je hoofd gewoonlijk geheel in diens richting (en kijk je hem dus niet alleen vanuit je ooghoeken aan). Als iemand zegt dat hij naar je luistert, terwijl zijn hoofd de andere kant op wijst, komt dat veelal niet als zodanig over. We verwachten dat onze gesprekspartner ons recht aankijkt als hij aandacht heeft voor wat we vertellen. Dat is niet geheel voor niets. Als je je letterlijk naar iemand richt, kun je het gesprek beter volgen dan wanneer je de andere kant op kijkt.
     
    De spreker wordt overigens ook beïnvloed door het aankijkgedrag en het zich toekeren van de luisteraar. Als je tot iemand spreekt terwijl hij niet jouw kant op kijkt of met zijn ogen dicht zit, ben je vermoedelijk snel uitgepraat. Luisteren moet je niet alleen doen, maar ook laten zien.
     
    Als je gesprekspartner veel naar je knikt terwijl je aan het woord bent, kun je er vanuit gaan dat hij het de moeite waard vindt om naar je te luisteren. Als je twee mensen met elkaar ziet spreken, kun je conclusies trekken over de voortgang van het gesprek door te letten op de manier waarop ze knikken en schudden met hun hoofd.

  • Handdruk
     

    Handdruk


    Met je hand in de bovenpositie maak je duidelijk dat jij de leiding wenst te nemen. Veel mensen draaien onbewust de hand van de ander naar beneden als ze een stevige hand willen geven, maar komen daardoor dominant over.
     
    Met je hand in de onderpositie geef je de leiding aan de ander. Het kan zijn dat je hem of haar om een gunst verlegen bent. Misschien laat je je makkelijk overrompelen. In ieder geval toon je met deze handdruk onderdanigheid.
     
    Politici geven soms twee handen, waarbij ze de hand van de ander vastnemen, om een indruk van betrouwbaarheid en eerlijkheid te geven. Deze handdruk is meestal vriendschappelijk en goedwillig bedoeld, maar komt in veel gevallen opdringerig of plakkerig over.

Lichaamstaal is uiteraard heel belangrijk in zaken doen. Als goede verkoper weet je hoe je een goede indruk kunt nalaten (liefst door jezelf te zijn). Maar vooral, je kan het gesprek sturen doordat je door het juist interpretereen van de lichaamstaal kan opmerken wat de klant al dan niet gelooft, aan twijfelt of totaal niet mee akkoord gaat. Maar ook hoe je de omgang met je collega's kan vergemakkelijken door gedragingen op te merken.

Lichaamstaal in Business

naar boven